
Krulzinnen
Schrijver Martin ter Denge over de Nedersaksische taal
Excuus alvast, want deze column zal menig corrector taalpijn opleveren. In 2016 wijdde knuffelneerlandicus Marc van Oostendorp een column aan een PowNed-filmpje van iemand die zei: “Ik neuk jullie allemaal de moeder.” Het leek hem toen een nieuw taalfenomeen. In Oost-Nederland zou zo’n zinnetje niet eens zijn opgevallen. Sterker nog, ik hoorde pas iemand die tegen zijn kind zei: “Papa strikt jou even de veter.”
Oost-Nederlandse zinsconstructies ga ik daarom proberen deze hele column in te schrijven; dan kun je eraan wennen. Allerhande zinsdelen kunnen wij namelijk vrij mee schuiven. Kraait ons geen haan naar. Het Nederlands doen we het per ongeluk soms ook in.
Een reactie bij een krantenartikel viel me dat onlangs nog in op. Het ‘Rijssens Hartje’ ging het stuk over, een lokale lekkernij. Die doen de bakkers hier altijd met de sinterklaas maken. Een eigen recept hebben de bakkers soms al generaties in de familie zitten. Rijssense zoetekauwen leverde dat heel wat positieve reacties van op Facebook op. Deze sprong mij eruit: “Ik breng ze mijn zuster mee in Nijkerk.” Wat ze bedoelde was: ‘Ik neem ze mee voor mijn zus als ik haar in Nijkerk bezoek.’
Of die keer toen onze gemeente een aankondiging van wegwerkzaamheden deelde en een reaguurder zei: “De hele Arend Baanstraat mag de stoep wel naar gekeken worden.” Daar laat ik je zelf even op kauwen.
Voordat je roept dat dat niet correct is: de taal van Oost- Nederland en Noord-Duitsland gelden andere grammaticale regels voor. En onze cultuur past het precies bij: indirecte constructies hebben wij een voorkeur voor. Dutch directness is waarschijnlijk vooral Randstad directness.
Martin ter Denge
