
Onze Vader
Gastcolumn van theoloog en schrijver Alain Verheij
Als kind leerde ik het Onze Vader van mijn opa en oma. Dat is een vaste gebedstekst die Jezus aan zijn leerlingen doorgaf. Al tweeduizend jaar bidden christenen ditzelfde gebed, dat begint met de bekende woorden: “Onze Vader die in de hemelen zijt, uw naam worde geheiligd”. Mijn grootouders deden het voorafgaand aan elke maaltijd. Ik prevelde een beetje met hen mee. Zo baande de formule zich een weg naar mijn hart en ziel. Tegenwoordig ben ik wekelijks voorganger in kerkdiensten waar het Onze Vader wordt gebeden, en er gaat geen zondagochtend voorbij zonder dat ik daarbij aan hen denk. Niet in de laatste plaats omdat het dezelfde woorden zijn die we uitspraken toen de kist van mijn opa de grond in ging.
Als een goede wijn
Waarom altijd weer dezelfde zinnen uitspreken? Ten eerste omdat er nu eenmaal situaties zijn waarin je met je mond vol tanden staat. Bijvoorbeeld aan een graf, de plek bij uitstek waar gelovigen het Onze Vader uitspreken. In wanhoop, rouw of pijn, situaties waarin je taal het even niet meer doet, is het troostrijk om te kunnen terugvallen op bekende teksten.
Een tweede voordeel van een tekst die regelmatig wordt herhaald, is dat de woorden extra gewicht krijgen. Als een goede kaas of wijn, waarvan de jaren de smaak alleen maar rijker maken. Het Onze Vader rijpt al twee millennia en is al door zoveel monden gegaan dat elke hap lucht die ik inadem vermoedelijk wel een molecuul bevat dat ooit door een ander is uitgeademd tijdens het bidden van het Onze Vader. De adem der eeuwen noem ik dat.
Ten derde biedt een vaste formule bescherming tegen verbale incontinentie. Jezus leerde het zijn volgelingen met als reden dat ze “niet te veel omhaal van woorden” moesten gebruiken. Hij hield niet van gewauwel. Wie écht goed is met taal, kan dingen pregnant zeggen. Veel van onze teksten zijn te wollig. In het Engels en Duits hebben ze daar uitdrukkingen voor: ‘Less is more’ en ‘In der Beschränkung zeigt sich erst der Meister.’ Ik vraag me onwillekeurig af waarom ik niet direct een Nederlands equivalent van deze wijsheid kan bedenken. Misschien zijn we wel een volk van kletsers.
Verschuiving
Nog altijd bezoek ik mijn grootouderlijk huis. Mijn hoogbejaarde oma is 93 en zeer broos. Ik breng haar om de zoveel tijd een broodje groentekroket. “Zullen we het Onze Vader weer doen?” vraag ik, en dan buigt ze haar hoofd en sluit ze haar ogen. Bijna veertig jaar bidden we dit al samen. Maar in de loop der jaren heeft er ongemerkt een verschuiving plaatsgevonden. Tegenwoordig bid ik niet meer achter oma aan, maar andersom. Zij haakt aan bij mijn ritme. Het stokje is doorgegeven, het Onze Vader heeft het wéér twee generaties overleefd. <<
Alain Verheij (Rotterdam, 1989) is theoloog, schrijver en columnist bij onder andere dagblad Trouw. Op allerlei plekken, van kerken tot sociale media, vertelt hij graag over Bijbelverhalen. Zijn nieuwste boek, De prijs van vergeving, verscheen in april 2026.
