Jongeren zouden tegenwoordig minder uitdrukkingen kennen dan vroeger. Sterft het spreekwoord een stille dood? Of is er iets anders aan de hand?

Eens in de zoveel tijd hoor je weer dezelfde noodkreet: het spreekwoord is aan het verdwijnen! Die jongeren van tegenwoordig kennen geen uitdrukkingen meer. En het is bovendien allemaal Engels wat de klok slaat. En over klokken gesproken: als die jongelui ze al hebben horen luiden, weten ze niet waar de klepel hangt: ze verhaspelen en contamineren erop los. Uitdrukkingen, daar hebben ze ‘geen chocola van gegeten’!

Ik moet zeggen dat ik (27) het ergens wel herken. Uitdrukkingen gebruik ik wel, maar spreekwoorden eigenlijk alleen met een dikke knipoog: kijk mij eens oubollig wezen, haha! Zo’n afgezaagd spreekwoord onironisch gebruiken? Mij niet bellen.

Maar toch. Verdwijnen uitdrukkingen echt als sneeuw voor de zon, of is de bezorgdheid erover een storm in een glas water?

Wijsheid komt met de jaren

Kijken we naar wat de wetenschap daarover zegt, dan is er nog geen reden tot paniek. Uitdrukkingen zijn “alive-and-kicking”, zo concludeerden Groningse taalwetenschappers Jacolien van Rij en Simone Sprenger in 2019. Aan de hand van een groot publieksonderzoek analyseerden zij hoe het zat met de kennis van uitdrukkingen. Uit hun onderzoek kwam een conclusie die eigenlijk heel logisch is: hoe ouder je bent, hoe meer uitdrukkingen je kent.

Dat zit zo: als je volwassen wordt, gaat werken, van baan verandert, verhuist, en door dat alles in aanraking komt met allerlei verschillende mensen, pik je ook weer allerlei nieuwe taal op – inclusief uitdrukkingen. Met name tussen de 20 en de 30 jaar groeit je idioomkennis enorm, en die stijgende lijn zet door tot zeker je 55ste. Het gaat hier dus niet zozeer om een generatieverschil – jongeren van álle tijden kennen minder uitdrukkingen. Net als wijsheid komt uitdrukkingenkennis blijkbaar met de jaren.

Spreekwoord of gezegde?

Een spreekwoord is één vaste, hele zin die een soort algemene levenswijsheid uitdrukt en vaak ook iets belerends heeft (je moet een gegeven paard niet in de bek kijken; als het kalf verdronken is, dempt men de put); gezegdes zijn vaste frasen die je naar hartenlust door allerlei zinnen kunt strooien (in de gaten houden; van een leien dakje gaan). Vaak worden spreekwoorden en gezegdes op één hoop gegooid onder de noemer ‘uitdrukking’.

Een goed prompt

Er is meer reden tot hoop: hoewel spreekwoorden het imago hebben oubollig te zijn, poppen er toch regelmatig initiatieven op, vaak juist van jongeren, om nieuwe spreekwoorden te bedenken of de oude nieuw leven in te blazen. In 2025 startte de 24-jarige Babett Teijema het initiatief Nieuwespreekwoorden.nl, waarmee ze duizend nieuwe spreekwoorden wil bundelen in een boek. Bekijk je de inzendingen tot nu toe, dan zie je dat het veelal gaat om oude spreekwoorden en gezegden in een nieuw jasje. Dus niet Een goed begin is het halve werk, maar Een goed prompt is het halve werk: een knipoog naar AI-tools als ChatGPT.

Eerder, in 2013, wilde het initiatief Paarse Krokodillentranen net zoiets: Laurens Bosman en Wilmar Versprille (toen beiden 29 jaar) muntten spreekwoorden als De beste voetballers zitten voor de tv (naar De beste stuurlui staan aan wal) en Al loert de snelle rij, blijven staan is dichterbij (als alternatief voor Met tijd en stro rijpen de mispels).

De affoe

Dat soort initiatieven zijn vooral een leukigheidje – meer een ludieke actie dan een serieuze poging om de taal blijvend te beïnvloeden. Dat taalspel zie je ook op sociale media als TikTok, waar jongeren succes oogsten met guitige, hedendaagse varianten op spreekwoorden. Tom Lammerts bijvoorbeeld, met een serie video’s over spreekwoorden die ‘op de straat’ zouden zijn bedacht – met straattaalwoorden erin verwerkt dus. Dat is de affoe in mijn glas die de barfie veroorzaakte – die ene slok die je deed overgeven, oftewel die spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen. Ook heeft hij een serie uitdrukkingen in gen-Z-stijl: verpest je iets, dan gooi je geen roet in het eten, maar koemelk in een havercappu.

Ook Rick Tempelaar, op TikTok beter bekend als Maerten, kan er wat van. Honderdduizenden views krijgt hij met video’s waarin hij uit de losse pols nieuwe spreekwoorden de ether in slingert, zoals Twee stoelen maken nog geen bank en Een vogel die altijd zingt, hoort nooit het lied van een ander.

Hier valt iets op: de spreekwoorden waarop gevarieerd wordt, lijken veelal juist de spreekwoorden te zijn die je nog weleens hoort. Precies de bekendheid met die vaste formules biedt dus ruimte om ermee te spelen. Het origineel kent iedereen immers al. Met andere woorden: geen nieuwe bezems zonder oude die de kroon spannen.

Het Romeinse Rijk ging symbool staan voor iets waar je regelmatig aan denkt.

Dertiende reden

Er zijn dus jongeren die er eens even lekker voor gaan zitten om nieuwe spreekwoorden te bedenken en via sociale media te verspreiden. Maar ook spontaan schieten ze als paddenstoelen uit de grond.

Een die daarbij in het oog springt, is de uitdrukking dat iets ‘jouw Roman Empire is’. Het begon in 2023 met een bewering die op TikTok breed uitgemeten werd: mannen zouden heel vaak zomaar aan het Romeinse Rijk denken. Veel vrouwen waren sceptisch, haalden de camera erbij en vroegen hun mannelijke partners, vrienden en familieleden: hoe vaak denk jíj aan het Romeinse Rijk? ‘Dagelijks’, luidde het antwoord dan vaak, of toch ten minste wel ‘een paar keer per week’. Hilariteit en verbazing alom, en zo ging het Romeinse Rijk symbool staan voor iets waar je regelmatig aan denkt. Iets dat – en daar is overigens nog zo’n nieuwe uitdrukking – ‘rent-free in je hoofd woont’. Het is trouwens doorgaans niet je ‘Romeinse Rijk’, maar echt je ‘Roman Empire’, want jongeren van nu eten maar wat graag van twee (of meer) talige walletjes.

Een andere uitdrukking die ingeburgerd is onder jongeren die chronisch online zijn, is ‘Dat is mijn dertiende reden’. Hoewel het vaak luchtig gebruikt wordt, is de oorsprong ervan wat beladen. Het raakte in zwang door de Amerikaanse serie 13 Reasons Why (2017-2020), waarin een middelbare scholiere dertien cassettebandjes achterlaat met de dertien redenen die haar tot suïcide dreven. Als je tegenwoordig zegt dat iets je ‘dertiende reden’ is, bedoel je: dit is me net even te veel. Oftewel: die affoe, die druppel.

Het Roman Empire en de dertiende reden zijn er twee die al enkele jaren rondzingen. Maar er zijn er meer, en dan vooral uitdrukkingen of zegswijzen die heel even opkomen, en bijvoorbeeld verwijzen naar een tiktok die miljoenen views krijgt en in een kort tijdsbestek een gedeeld referentiekader vormt.

De meme als spreekwoord?

Een meme is een afbeelding of korte video die online steeds opnieuw wordt gedeeld en aangepast, waardoor telkens nieuwe varianten van dezelfde grap ontstaan. Neem nu het voorbeeld hierboven: deze meme vat samen dat jongeren liever memes (de nieuwe, spannendere optie) dan spreekwoorden (de degelijke, reeds bestaande optie) hebben. Hoe zeg je dat ook alweer in het spreekwoords – iets met gras en groen?

De overeenkomsten tussen memes en spreekwoorden liegen er niet om: beide zijn een vaste vorm met een figuurlijke betekenis, zijn herkenbaar, worden verspreid door herhaling, vatten complexe situaties samen in een verkorte vorm … Er is wat voor te zeggen om memes als de moderne tegenhanger van het spreekwoord te zien.

Maar waar spreekwoorden juist tijdloos zijn, zijn memes sterk onderhevig aan trends, en dus vaak van korte duur. Een spreekwoord van tien jaar oud is hartstikke nieuw, maar een meme van tien jaar oud, zoals bovenstaand format, is een klassieker te noemen – of misschien zelfs al wel oubollig.

Grote schoenen

Toch ontstaan nieuwe uitdrukkingen niet alleen online. Nog steeds relatief nieuw te noemen zijn cruijffiaanse wijsheden als Je gaat het pas zien als je het doorhebt en Elk nadeel heeft z’n (of: heb se) voordeel. Ook nieuw zijn sommige uitdrukkingen die uit de politiek komen: ergens geen actieve herinnering aan hebben (naar de Nederlandse toenmalige premier Mark Rutte, die een fout recht probeerde te praten). Of uitdrukkingen die uit het Engels zijn vertaald: grote schoenen om te vullen (big shoes to fill). Of algemenere spreekwoorden zonder eenduidige oorsprong: Het leven is een feestje, maar je moet zelf de slingers ophangen.

Nou vooruit, nog een paar dan: Mand!, om aan te geven dat iets korter moet – naar de inmiddels beroemde video waarin een antiquair in steeds kortere bewoordingen een fruitmandje moet omschrijven, totdat hij gefrustreerd alleen “Mand!” uitroept. Of We staan er weer goed op, een sarcastische opmerking als Nederland internationaal op een niet zo flatteuze manier in het nieuws is.

Laatste stuiptrekking?

Zo bezien valt het misschien wel mee met die teloorgang van de uitdrukking. Ja, je zou die jeugdige initiatieven om nieuwe spreekwoorden te bedenken kunnen zien als een laatste stuiptrekking, omdat ze niet echt lijken te beklijven. Helaas, pindakaas – da’s pech, spreekwoord weg! Maar er komen ook weer veel nieuwe uitdrukkingen bij, uit allerlei verschillende hoeken. Of die beklijven, dat is natuurlijk vers twee. En dan kun je haast niet anders dan deze dooddoener erbij halen: de tijd zal het leren. Maar ja, je weet wat ze zeggen: een Roman Empire is niet in één dag gebouwd. <<

Meer over spreekwoorden

In onze podcast
Verdwijnt het spreekwoord of juist niet? Komen er ook nog weleens nieuwe spreekwoorden bij? En waar komen die dan vandaan? Van Dale-hoofdredacteur Ton den Boon legt het uit in de podcast Over taal gesproken.

In de klas
Onze Taal maakt ook educatiemateriaal, waaronder een les in het thema van dit artikel. Samen met de leerlingen onderzoek je of de stelling klopt dat het spreekwoord aan het uitsterven is. Wat is een spreekwoord eigenlijk? Ontstaan er eigenlijk ook nog wel eens nieuwe spreekwoorden? Ook worden de leerlingen uitgedaagd zelf een moderne variant van een klassiek spreekwoord te maken. Je vindt de les hier.