
Generatietaal
Vibeke Roeper, directeur van Onze Taal, heet je welkom in dit nummer
We hoefden niet lang na te denken toen de CPNB (Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek) ons een half jaar geleden benaderde: zéker wilde Onze Taal partner worden van de Boekenweek. Vanuit het Boekenweekthema ‘Mijn generatie’ was het verband met taal snel gelegd. Jongeren van elke generatie gebruiken taal om hun creativiteit en identiteit te onderzoeken, en zo ontstaat er telkens weer een nieuw, typerend jargon.
De redactie van Onze Taal vroeg ruim 2000 mensen naar jongerenwoorden voor leuk, mooi en fijn en bekeek hoe die uitdrukkingen door de jaren heen veranderden. Vervolgens kozen we karakteristieke begrippen uit de jeugdcultuur om generatietaallandschappen te schetsen. Taalkundige Kristel Doreleijers schreef daar een schitterend verhaal omheen. Daar werden een column van de schrijver van het boekenweekgeschenk en een column van de schrijver van het boekenweekessay aan toegevoegd. Zo ontstond een Boekenweekproductie waar iedereen iets in zal herkennen.
Het onderwerp generatietaal sluit ook wondermooi aan bij het jubileumjaar van Onze Taal. De oprichters van de vereniging zagen het levenslicht in de negentiende eeuw, en intussen hebben we medewerkers en bestuurders uit zeker zeven generaties gekend. Geen wonder dat het eerste nummer van Onze Taal vele lichtjaren verwijderd lijkt van het blad dat we nu maken. En tegelijkertijd herkennen we er ook iets in: het besef dat nadenken en schrijven over taal er echt toe doet.
Als we dat nu eens kunnen doorgeven aan de generaties na ons, dan ligt er voor Onze Taal nog een prachtige toekomst in het verschiet.
Vibeke Roeper, directeur
vibeke.roeper@onzetaal.nl
